Externe links:    Gemeente Delfzijl    IVAK    Kunsthuis Oal Eer

Urnen van inheems aardewerk

De urnen van inheemse origine waren over het algemeen met de hand vervaardigd en in een open vuur betrekkelijk zacht gebakken. De kleur is plekkerig met grijze, geelachtige, rode en grauwe tinten. De klei is gemengd met gruis van mariene of van veldstenen origine. Ook hier zijn verschillende vormen te onderscheiden, nl.

A. Tonvormige urnen met een platte bodem.


Ook deze urnen hebben naast menselijke resten ook bijgaven, zoals een enkelvoudige benen licht versierde kam, benen plat-cilindrisch spinkopje, rolvormige kraaltjes en een fragment van een sleutel met aan de ene zijde een afgebroken baard en aan de andere zijde een ringetje.

B. Fles- of buidelvormige urnen met afgeronde bodem.

Ook weer plekkerig van kleur. De versiering bestaat uit kransen van ogiefvormige spatelindruksels door houten modelleerstaafjes aangebracht. De urnen bevatten menselijke resten met bijgaven o.a. een fragment van een groot nauwelijks herkenbaar éénzijdig snijdend zwaard en mesjes.

C. Kogelvormige urnen met afgeplatte bodem.


Ook weer plekkerig van kleur  grauw, rood, geel, violet en loodkleurig. Een urn had drie pootjes aan de bodem. Ook in deze urnen zijn menselijke resten en bijgaven gevonden.

Andere bijgaven bij deze urnen zijn o.a. fragmenten van mesjes waarvan één een bloed- of giftspoor langs de rand heeft, fragmenten van kammen al of niet versierd, de steel van een bronzen oorlepeltje, of ander toiletartikel, kralen van diverse materialen en kleuren, een afgerond zeshoekig zuilvormig wit kraaltje, zes dubbelbolvormige kralen, bestaande uit een vezelachtige kern, vermoedelijk zaadjes en vele andere kleine voorwerpen. Bij de skeletten zijn bijgaven gevonden in de vorm van schelpen en slakkenhuisjes.     

Heel apart was de vondst van grote klompen ijzer, die direct niet geïdentificeerd konden worden. Omstreeks 1990 bleek het met nieuwe technieken mogelijk deze ijzerklompen te reconstrueren tot de oorspronkelijke vorm: het bleken zwaarden te zijn. De Zwaarden van Godlinze zijn te zien in het Groninger Museum, een replica ligt in het Archeologisch Depot te Nuis. Ook ander vondsten van de opgraving zijn bewaard in het Groninger Museum en in het Archeologisch Depot in Nuis.                                  

Vorige

© Rijks Universiteit Groningen